Over Sintel

Sintel is een kooltje dat nog nasmeult, gloeiend heet, wachtend op papier om weer in vlammen op te gaan. Sintel is een avontuur in traagheid, een opstand tegen de tijdgeest, maar ook een diepere kijk op die tijdgeest. Alles lijkt momenteel in het teken te staan van wachten – op nieuwe brandstof, en in het teken van vasthouden – aan de grote idealen van voorheen. Maar de werkelijkheid gaat ondertussen gewoon door. Terwijl alles maar sneller en efficiënter moet, staat Sintel voor traagheid en introspectie. Sintel wil de tijd nemen en eist dat van haar lezers. Sintel wordt niet op pas gemaakt voor een doelgroep, maar is een doel waaromheen zich een groep kan verzamelen. Als een schilderij waar een passende bank bij wordt gezocht.

Nu bijna alles in de formule van de grootste gemene deler is uit te drukken, is het tijd om die formule te herformuleren. Hoe digitaler de wereld wordt, des te minder woorden er over lijken te zijn om iets te zeggen. Zo blijft er steeds minder tijd en ruimte om diepgang en inzicht te bereiken. Steeds meer vermaak wordt voorgekookt, toegesneden op een nauw omschreven doelgroep. De overheid bepaalt hoe leerlingen zich dienen te ontwikkelen, hoe ze moeten functioneren in haar gedroomde maatschappij. School en universiteit maken zo hun leerlingen tot radertjes van de consumptiemaatschappij.

Sintel is het zand in de machine. Sintel is offline, vlezig (circa 240 pagina’s) en aangenaam traag. Een verschijningsfrequentie van één à twee keer per jaar moet voorlopig volstaan.

Dankzij een virulente vorm van het kapitalisme draait alles om de winst van het grote bedrijf en zijn aandeelhouders. In de Verenigde Staten worden bedrijven als personen beschouwd, en sinds kort hebben ze zelfs religieuze rechten. Alles moet worden opgegeven aan de almachtige munt. Ook onze vrijheid om te denken en doen wat we willen. Als dat zo doorgaat, wordt Piketty’s angst bewaarheid en werkt iedereen alleen nog maar voor die paar ultrarijken. In een werkelijke kapitalistische wereld zal vrijwel niets overblijven dat niet voldoende rendement voor de aandeelhouders oplevert. Sintel wil geen rendement opleveren. Sintel wil bewustzijn en schoonheid doorgeven. Sintel is daarmee dus eigenlijk net zo overbodig als al het andere van waarde: de hogere kunst, het waanzinnige genie, de woordkotsende dichter, de hulpverlener op de hoek, de vrijwilligers in de zorg, de vlooimoeders op school, de bezorgde demonstranten, de verslaggevers van de perverse  bonuswereld. Sintel gaat over samenwerken in een cultuur van ego’s.

In Sintel is veel aandacht voor lange stukken proza en poëzie, zo lang zelfs dat ze op internet nauwelijks te lezen zijn. In Sintel wordt aandacht gegeven aan muziek op straatniveau, maar ook aan verdieping daarin. In Sintel verzamelen zich illustratoren en vormgevers die de grens van het aantrekkelijke zullen opzoeken. Sintel zal zinderen van essays die nergens anders gelezen worden. Sintel is een broodnodig avontuur.